E-learning is het bewust inzetten van elektronische hulpmiddelen om zo het leren flexibeler, rijker en effectiever te maken. Net zoals bij andere didactische keuzes, zijn er principes waarmee we bij e-learning rekening moeten houden. Hieronder volgt een beknopt overzicht.

Allereerst een geruststelling: uit veel onderzoek blijkt dat e-learning niet (goed) werkt als er niet ook daadwerkelijk persoonlijk contact is tussen de lerende en de docent. We zullen dus moeten zorgen voor een mix van online leren en face-to-face leren als we zo veel mogelijk resultaat willen boeken. Die combinatie noemen we blended learning.

Als we gebruik maken van internet is het makkelijker om authentieke leeromgevingen te creëren en contact te leggen met de buitenwereld. Ook maakt het slim inzetten van ICT het ons mogelijk een leeromgeving te creëren waarin onze leerlingen in hun eigen tempo en op hun eigen manier kunnen leren. ICT-inzet maakt het makkelijker bepaalde zaken visueel te ondersteunen.

We moeten echter waken voor de misvatting dat als we ICT inzetten, alles altijd meteen goed is. Het geven van feedback of het uitnodigen tot een discussie op een schriftelijke manier moet wat voorzichtiger gedaan worden dan het mondeling zou gebeuren. Intonatie en gezichtsuitdrukkingen gaan immers verloren. Ook lijkt onderzoek (Hara & Kling) aan te tonen dat lerenden vaak verwachten dat zij 24/7 kunnen rekenen op feedback van de docent. Het is dus van belang hier heldere afspraken over te maken.

ICT leent zich bij uitstek voor samenwerkingsopdrachten. Niet alleen is het relatief makkelijk het samenwerkingsproces inzichtelijk te maken. Ook de status en dominantie van de deelnemers vervagen in een elektronische omgeving. Leerlingen vinden het prettig om in onderling overleg hun eigen leerproces te kunnen verlengen en verrijken. ICT maakt problemen oplossen, onderzoek doen, ontwerpen, gezamenlijk betekenis construeren en beslissingen nemen makkelijker. Dit zijn vijf manieren waarbij de lerende op een actieve manier nieuwe kennis vergaart. Doordat het middels ICT makkelijker is contact te leggen met de buitenwereld, kun je het publiek ook verbreden. Als onze lerenden niet alleen voor zichzelf, maar ook voor anderen leren, zal dit hun motivatie bevorderen.

Enkele overwegingen:

Formeel vs informeel leren
Deze twee onderscheiden zich in hun intentie. Als het leren doelbewust en systematisch plaatsvindt, hebben we het over formeel leren. Mocht dat leren echter op initiatief van de lerende en spontaan plaatsvinden, noemen we het informeel leren. Het mooie van e-learning is dat, doordat we ons richten op het proces en daarbij de leerder zelf wat verantwoordelijkheid geven, de kans vergroot wordt dat hij/zij informeel leert.

Asynchroon vs synchroon leren
ICT maakt het mogelijk om het leren (deels) asynchroon (dwz onafhankelijk van tijd en plaats) te laten plaatsvinden. Hierdoor kunnen onze leerlingen zelf hun tijd en tempo bepalen, kunnen ze stof en of instructie terughalen als ze er behoefte aan hebben. Als het leren synchroon wordt georganiseerd, worden de leeractiviteiten op hetzelfde moment uitgevoerd. Toch hoeft ook dan de plaats niet voor iedereen dezelfde te zijn. Het voordeel van synchroon leren is dat we direct feedback kunnen geven.

Tot slot een waarschuwing: ICT is geen wondermiddel an sich. Het is niet zo dat als je ICT inzet, het leren automatisch krachtiger wordt. Allereerst wordt er wat van de discipline van de lerende gevraagd. Ten tweede is het niet altijd gemakkelijk om goede online leermaterialen te ontwikkelen. Gelukkig wordt het wel steeds makkelijker deze te vinden.